|
New book |
|
Publications By Hamiit Qliji Berai |

|
|
|
|
|
Voor het proces maak ik geen gebruik van professionele juristenbijstand omdat bij mijn eerdere beroepprocedures, mijn advocaten zijn door de betreffende overheidinstanties beïnvloed of gedwongen om de rechtzaken doen te mislukken, als volgt: 1. Voor het geding bij de rechtbank te Den Haag, tegen NWO (Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek), Pro. AWB 05/1023 BESLU, heb ik de Advocatenkantoor Dijkgraaf, aan Hoge Prins Willemstraat 226F, 2584 HX te Den Haag, ingeschakeld om mij bij te staan. Mr. J.P.L.C. Dijkgraaf heeft een belangrijk document niet naar de rechtbank gestuurd en de klacht valsheid in geschrifte van de rechtbank achtergehouden en de rechtzaak tot mislukking wist te leiden. 2. Voor hoger beroep bij Raad van State, inzake NWO, pro. 200604576/1/H2 heb ik Advocatenkantoor Nolet, mr. A. van Harmelen, aan Abraham Patrasstraat 5, 2595 RC te Den Haag, ingeschakeld om mij bij te staan. Mr. van Harmelen stelde het hoger beroepschrift en schreef brieven en stuurde ze naar de Raad van State zonder eerst die inhoudelijk met mij te besproken hebben, terwijl ik niet eens was met de inhoud er van. Pas 2 dagen nadat ze de brieven naar de Raad van State gestuurd had, berichte zij mij daarover. Dat was de aanleiding dat ik haar per brief van 29 september 2006 van zaak gehaald heb. 3. Voor een verzoekschrift tegen Nederlandse Staat bij Europees Hof voor de Rechten van de Mens, heb ik Hofwijckadvocaten aan Wassenaarseweg 22, 2596 CH ’s-GRAVENHAGE, Mr. N. Roodenburg, benaderd. In vervolg afspraken zei dat hij niet de geschikte advocaat voor deze zaak zouden zijn. Maar hij was wel met zijn collega’s in contact zei hij zodat een juiste advocaat voor deze zaak zou mij bij kunnen staan en het dossier aan hem/haar zal doorgeven. Ik heb echter nadrukkelijk hem gevraagd om met de verlooptermijn voor verzoekschrift bij Europees Hof dat op 07 augustus 2007 afloopt, rekening moest houden en ruim voor die tijd mij over de gang van zaken berichten. Ondanks zijn enthousiasme heb ik daarna niets van hem vernomen. Hij was nergens te vinden en op mijn dringende telefonische verzoeken om mij terug te bellen, reageerde hij niet. Pas op maandag 13 aug 2007, 6 dagen na de afloop van de termijn voor verzoekschrift, was hij weer telefonisch bereikbaar. Hij wilde niet uitleggen waarom hij vòòr de afloop van de termijn niet bereikbaar was en waarom op tijd heeft mij niet gewaarschuwd! Omdat ik met dat soort praktijken rekening had gehouden, kon ik net op tijd, 03 augustus 2007 het verzoekschrift bij Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg, Frankrijk indienen. |
|
Naast de medeschuldigheid van de Nederlandse overheid en bedrijven aan genocide dat het regiem van Saddam Hossein tegen Kurdisch volk in Irak gepleegd heeft, doen de Nederlandse universiteiten en overheidinstanties ook mee aan volksgenocide tegen het Kurdische volk. The History and Identity of the Kurdish Nation in Antiquity ....
|
|
Advocaat Dijkgraaf werd bij de Orde van de Advocaten aangeklaagd
Bij brief van 06 juli 2006 is tegen mr. Dijkgraaf bij Orde van Advocaten en vervolgens bij de Hoge Raad der Nederlanden ingediend, zaak nummer: H.Q. Berai/Mr. J.P.L.C. Dijkgraaf/ R.2762/06.149. Bij beslissing van 20 december 2006 heeft de plaatsvervangend van de voorzitter van de Raad de klacht op een belachelijke wijze ongegrond verklaard. Tegen dit besluit is op 02 januari 2007 bij de Raad van Discipline in het ressort ’s-Gravenhage verzet getekend. De Raad heeft op 07 mei 2007 het verzet ongegrond verklaard. |
|
Vervolg van het proces tegen NWO, 3 Nederlandse hoogleraren en het proces tegen Ministerie van OCW
Ook tegen de uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage in zaak Elamirkan tegen ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschappen, zaak no. AWB 05/1128; heb ik bij de Raad van State Hoger Beroep getekend. In Hoger Beroep heeft de Raad van State bij uitspraak op 28 februari 2007, het hoger beroep ongegrond verklaard
Bij het Hoger Beroep tegen de uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage in zaak no. AWB 05/1023 van 28 april 2006, heeft de Raad van State bij de uitspraak op het hoger beroep, op 7 februari 2007, ongegrond verklaard. Dat was in het geding tegen het Algemeen Bestuur van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en 4 Nederlandse hoogleraren.
De Rechtbank Den Haag, Sector Bestuursrecht, heeft bij uitspraak d.d. 28 april 2006, het beroep tegen de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) gegrond verklaard en daarbij bepaald dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven. De rechtbank zelf ontdekte dat het besluit van NWO onrechtvaardig tot stand was gekomen, de advocaat Dijkgraaf is hieraan voorbijgegaan. Tegen het in stand blijven van het vernietigde besluit is bij de Raad van State te Den Haag hoger beroep getekend. Het geding zal worden behandeld op een zitting van Hoger Beroep in januari 2007. |
|
Aanklacht tegen Nederlandse staat bij Europees hof voor de rechten van de mens |
|
UITSPRAAK VAN HET EUROPESE HOF VOOR DE RECHTEN VAN DE MENS OVER DE AANKLACHT TEGEN DE NEDERLANDSE STAAT
Op 21 August 2007 had Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (Het Hof) de aanklacht geaccepteerd. Bij de aanklacht is de Nederlandse overheid medeaansprakelijk gesteld voor · MEDESCHULDIGHEID VAN DE NEDERLANDSE OVERHEID EN BEDRIJVEN AAN GENOCIDE DAT HET REGIEM VAN SADAM HOSSEIN IN IRAAK TEGEN HET KURDISCHE VOLK GEPLEEGD HEEFT. · EEN VERBOD OP TE LEGGEN TOT HET BEVORDEREN VAN DE POLITIEKGEVESTIGDE VALSE STANDPUNTEN IN NEDERLANDSE UNIVERSITEITEN, DIE HET BESTAAN VAN DE KURDISCHE NATIE IN OUDHEID ONTKENNEN EN DE IDENTITEIT EN CULTUURERFGOED VAN DE KURDEN VERVALSED NAAR DE IRAK, IRAN, TURKJE EN SYRIA, DE BEZETTERS VAN DE KURDISCHE NATIE. · DE ONRECHTMATIGE AFHANDELING VAN DE HOGE BEROEPEN DOOR DE RAAD VAN STATE. De Hoge Beroepen bij Raad van State betreffen 2 processen. 1. Proces tegen de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en vier hoogleraren, Prof. Dr. Rob S. P. Beekes, vergelijkende taalwetenschappen, Indo-Eurpese talen, universiteit Leiden, Prof. Dr. Wilfred H. van Soldt, (Assyriologie, Universiteit Leiden, prof. dr. Martin van Bruinessen, universiteit Utrecht Iraanse, Turkse en Arabische talen en culturen en prof. Dr. Marten Stol, universiteit Leiden en Amsterdam talen en culturen van Nabije Oosten in de oudheid - van wege meedoen aan volksgenocide namens wetenschap tegen het Kurdische volk door het afleggen van valse verklaringen in de rechtbank processen, het vervalsen van Kurdische prehistorische documenten, vervalsing van historische-culturele identiteit van Kurden en onrechtmatige tegenwerking van het onderzoek door Instituut Elamirkan naar historische-culturele identiteit van het Kurdische volk in oudheid en het voorkomen van een internationale wetenschappelijk opendebat hierover. 1. Proces tegen de Ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschappen en de Gemeente Den Haag, van wege misbruik van culturele voorzieningen voor criminele doelen, onderdrukken en achterstellen van Kurdische cultuur in Nederland, het uitvoeren van Turkse cultuurpolitiek in Nederland en onderhouden van criminele banden met Turkje tegen de Kurden.
|

|
Copyright © 1994 -, ELAMIRKAN |