|
New book |
|
Publications By Hamiit Qliji Berai |

|
|
|
|
|
De Eisen van de Nederlandse Kurden |
|
Deze brief is toegestuurd aan de ministers van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen mw. van der Hoeven, Binnenlandse Zaken dhr. Remkes, en de gemeente Den Haag dhr. Heijnen
Den Haag, 25 oktober 2002 Onderwerp: de eisen van Nederlandse Kurden
Geachte ..., Namens de afstammelingen van de Kurdische natie in Nederland, vragen wij als Kurdische organisaties gevestigd in Nederland Uw aandacht voor het volgende.
Zoals men weet, woont er een grote Kurdische gemeenschap in Nederland. De Kurden van deze tijd (de nabestaanden van oude Elamieten) zijn, ondanks hun schatrijke culturele achtergrond, nauwelijks cultureel actief in de Nederlandse samenleving. Zij zijn zich dan ook nauwelijks bewust van hun eigen culturele identiteit, omdat hun natie door tal van staatkundige verwikkelingen is verdeeld. Van de Kurdische taal zijn er slechts op gebrekkige wijze enkele Kurdische dialecten vastgelegd, vaak op een wijze die meestal leidt tot het ontstaan van misverstanden over het Kurdisch. Zelfs bestaat er geen vaderlandse geschiedenis van Kurdesán als natie. Dat komt door de onderdrukking van het volk in het moederland; ginds heeft men immers het land van de Kurden op een misdadige wijze bezet, uitgeput en uitgeroofd, de bevolking tot armoede en achterstand gebracht en zelfs genocide gepleegd.
Zojuist heeft H.Q. Bérai in een Nederlandstalig boek ¨De verzwegen Oud Kurdische historie weer boven tafel: Het Elamitisch, de nieuwe verklaring¨ doen verschijnen. Hierin probeert hij aan te tonen, dat de Kurden de nabestaanden zijn van de Elamieten. In het verleden zijn de Elamieten ten onrechte als een uitgestorven taal en volk verklaard; men beweert dat Kurden feitelijk Iraniers zijn, wat een aperte onjuistheid is. Door die vervalsing van de geschiedenis en de identiteit en door het verbod op de Kurdische taal dwingt men de bevolking zich te assimileren met haar onderdrukkers en vernietigt men het volksbestaan. Onze Nederlandse multiculturele samenleving mag niets met dat soort misdaden gemeen hebben. Maar wij bespeuren ook in dit land naast achterstand soms ook een achterstelling in vergelijking met andere minderheden. In Nederland worden jaarlijks culturele projecten en festivals voor andere minderheden gesubsidieerd, neem bijvoorbeeld een jaarlijks Turks festival, Iraans festival, Arabisch festival ..., gesubsidieerd door de gebruikelijke subsidiegevers. Zo niet de Kurdische culturele projecten, die geen schijn van kans krijgen. De Kurdische intellectuelen die zich met de Kurdische cultuur bemoeien, moeten voor hun levensonderhoud tomaten gaan plukken, anders worden zij op straat gezet!
Bij fondsen van het ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschappen zoals NWO (Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek), NLPV (Nederlands Literair Produktie en Vertalingenfonds) of FvdL (Fonds voor de Letteren) komen Kurdische projecten, zij het wetenschappelijk of literair, niet voor een ondersteuning in aanmerking! In bijlage 2 zijn enkele van de vele afgewezen subsidieverzoeken bijgevoegd.
Voor andere minderheden in de openbare bibliotheek: de Arabieren, Iraniërs, Turken, Hindo's, Surinamers etc. zijn er personen, die voor hun cultureel erfgoed zorg dragen. In sommige bibliotheken zijn er 4 Turken werkzaam. Waarom mocht er geen Kurd in dienst van de bibliotheek zijn die voor de Kurdische cultuurerfgoed kan zorgen? Begin mei 2002 heeft Bérai zijn boek aangeboden aan een openbare bibliotheek waar 3 Turken werkzaam zijn. Hij vroeg of hij ter introductie van de algemene nieuwe inzichten in dit boek, voor een Nederlands sprekende publiek een lezing kon houden. Na lang wachten op een antwoord volgde telefonisch navraag. De verklaring was dat de aanvraag bij een Turkse medewerker in behandeling was, belast met de Turkse catalogus, omdat daaronder ook het Kurdisch zou vallen! Toen dhr. Bérai de directeur hierop attent maakte: - ¨In Uw bibliotheek zijn de Kurden onder de Turkse minderheid gebracht, daarom behandelen Turken de Kurdische zaken. Dat is historisch een zeer kwalijke zaak, het doet ons hart pijn en ons bloed koken¨ -, stuurde hij op 4 sep. j.l., als antwoord een lijst toe van literaire lezingen van zijn ¨Turks-Kurdische programma¨. Hoe fraai! Van de zeven literaire lezingen waren er zes Turks, de ene Kurd was uit Zweden besteld voor presenteren van een Turkstalige boek, geen Kurdisch dus.
Hierdoor lijkt het alsof de verbreiding van de kurdische cultuur veel geld kost, omdat er schijnbaar geen Kurd in Nederland te vinden is die kennis van literatuur heeft! Welnu, Kurden zijn geen Iraniers, noch Arabieren, noch Turken. Wij, Kurden zijn een bestaand volk met een eigen cultuur en een eigen nationale geschiedenis. De Kurden komen voort uit de Elamieten. De Elamieten, die ook in de bijbel voorkomen, zijn de ontdekkers van het schrift (Nisán, de maand Nisán is aan de viering van het schrift gewijd). Zij schreven de eerste wetten (dauraí rásán = de tijden van de waarheid). Het Šuša, erkend als het gerechtshof in de oudheid, ligt in het hart van Kurdesán. Kunst, wetenschap, godsdienst, politiek, landbouw en handel bloeiden eeuwenlang in het oude Kurdesán. Ook stellen wij dat de heilige Abram Elamiet was en bijgevolg een Kurd. In de Kurdische overlevering wordt hij Ura genoemd. In Elamitische teksten is sprake van: Ura napi = de profeet Abram.
Te lang zijn de Kurden aan hun ongelukkige lot overgelaten. Tengevolge daarvan blijft een permanent gevoel van culturele onderdrukking van Kurdesán ook in de zogenaamd “beschaafde” Westerse landen latent. Hoewel de Kurden een rijke schat van literatuur en andere aantrekkelijke cultuuruitingen kennen, merk ik dat deze cultuur niet vanuit de overheid of de daartoe aangewezen culturele instellingen wordt gepromoveerd of gemotiveerd.
Wij stellen de volgende eisen om aan deze situatie verandering te brengen:
· Wij willen als een beschaving met een eigen identiteit worden erkend. · wij willen als een volwaardige Nederlandse minderheid opgenomen worden. · Wij willen niet meer hier in Nederland geconfronteerd worden met het cultuurbeleid van Iraanse, Arabische of Turkse heersers. · Wij willen in elke bibliotheek of openbare documentatieverzameling als een eigen etnische identiteit worden geklasseerd. · Wij willen een open discussie over de herkomst van onze cultuur in het bijzonder over onze band met de oudheid. · Wij willen over middelen en eerlijke contacten beschikken zodat wij ons onderzoek naar de Elamitische taal en geschiedenis kunnen voortzetten. Aldus komen we tot een rechtvaardige interpretatie van Kurdische historie en taal.
Wij roepen iedereen op ons bij te staan. Uw antwoord zien wij met belangstelling tegemoet. Hierna volgen namen van de Kurdische organisaties (97 organisaties, bijlage 1)
Hamiit Qliji Berai Instituut Elamirkan Den Haag, 25 oktober 2002 |
|
Copyright © 1994 -, ELAMIRKAN |